Posts tonen met het label schrijven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schrijven. Alle posts tonen

zondag 10 juli 2011

Schrijfbende

Produktie
De laatste weken voor de schoolvakantie zijn extra druk voor mevrouw SchrijfTaal. Ze maakte haar eerste kinderkrant, boekjes van naschoolse programma's en gaf een workshop tijdens de presentatie van de Vreedzame Wijk. Zie ook: Feest! 

Mama beschrijft haar droomwijk

Droomwijk van Karin
Peters droomwijk

Oma's droomwijk

Jaimy heeft maar één droom
En juf moet hier even opmerken dat Jaimy de enige is die 'ik word' goed schrijft! Goed zo, Jaimy!

zondag 15 mei 2011

Mevrouw SchrijfTaal presenteert trots: posters en boekjes



Deze week ging mevrouw SchrijfTaal twee keer naar de drukker, om boekjes en posters op te halen. 'Schrijven over de ander in jezelf' is het resultaat van vijf schrijfavonden bij het Humanistisch Verbond. Het is een verzameling fictieve en feitelijke portretten, geschreven door deelnemers, met een schilderij van een van de cursisten op de kaft. 
'Natuur is ....' bevat foto's, tekeningen en tekstjes uit 13 lessen Natuur en Milieu Educatie op een school in Amsterdam Noord. Conclusie: Natuur is vooral genieten van buiten zijn.
Hieronder staat een voorbeeld van een poster, gemaakt tijdens een poëzieproject over de stilte, ook al op een school in Amsterdam Noord.

dinsdag 11 januari 2011

Mevrouw SchrijfTaal op school


Gisteren is mevrouw SchrijfTaal  met een nieuw klasje begonnen. Naschools heeft ze het met kinderen uit groep 3 en 4 van een basisschool over 'durven'. De kinderen luisteren naar verhalen en gedichten, doen spelletjes, schrijven, tekenen en maken met elkaar een boekje en nog meer 'gedurfde' spullen. Dit was de eerste van tien lessen. Aan de eerste schrijfsels te zien zitten er in dit groepje ook poezenvriendinnen. 


Vandaag zat mevrouw SchrijfTaal zelf in de klas. In de Noorderparkkamer kreeg ze les over Natuur- en Milieu-educatie. Met een hoofd en een tas vol ideeën ging ze naar huis. Aanstaande donderdag begint het volgende natuurklasje.

dinsdag 14 december 2010

Wintersfeer in de Grote Beer


Eergisteren postte ik hier het 'kerstgedicht' van Willem Wilmink. 'Wees niet bang voor kerst. Het zijn twee dagen.' Deze zinnen brachten mij in een goede stemming. Net als veel mensen ben ik in december vaak wat somber. Het gelukkige gezinnetje was niet voor mij weggelegd, dus de feestdagen zijn nogal eens beladen. Maar ik breng december steeds meer door op een manier die mij bevalt. Dit jaar doe ik mee aan Winters Binnen, is u dat al opgevallen?  In ieder geval hangt er sinds gisterenmiddag een opvallend bord aan mijn raam. En werk ik hard aan het verhaal dat ik ga vertellen. Het wordt steeds beter, met dank aan alle andere schrijvers en vertellers die bruikbare feedback gaven.

Winterhaiku
Zelf heb ik een aantal schrijfmiddagen georganiseerd in het Zonnehuis. Het is een klein groepje geworden. Enthousiast en schrijflustig. We schrijven, lezen elkaar voor, reageren, verbeteren en schrappen. De mooiste resultaten komen in een boekje. Vandaag sleutelden we aan winterhaiku. twee van mevrouw SchrijfTaal:

bladeren sterven
de tuin gaat rusten, ik oogst
een laatste bietje

decemberdagen
avonden beginnen vroeg
vlammetjes dansen

Van de weeromstuit heb ik bij Appie zelfs een lief kerstboompie gekocht, met lichtjes. Zou kerst echt leuk worden dit jaar?


zondag 12 december 2010

Boeken/verhalen/gedichten - Verkopen/ruilen/schrijven/vertellen/luisteren


Gisteren was er boekenmarkt in de lunchroom van het Zonnehuis. Daar had mevrouw SchrijfTaal een bescheiden winkeltje. Tot diep in de vrijdagnacht had ze kaarten met afbeeldingen en poëzie afgedrukt. Ondanks een weigerende printer, opgefrommeld papier en andere narigheid sleepte ze zaterdagochtend haar sleurkoffertje vol boeken en kaarten naar het Zonneplein. Bij het uitpakken van het handeltje sprak ze al aardige buurtgenoten die haar boeken wilden kopen. Er volgden er meer. Er kwamen verhalenvertellers voorbij om flyers uit te delen. De mensen van stichting HATO ruilden een dure dichtbundel voor twee goedkopere. Met een hoofd vol gesprekken, een iets legere sleurkoffer en een broekzak met rinkelende munten kon mevrouw SchrijfTaal terug naar de Grote Beer.


In de Grote Beer sleutelde zij op zondag verder aan haar vertelverhaal voor Winters Binnen. Bij Het Hart op de Tong heeft zij het begin van haar verhaal verteld en het publiek achtergelaten met een levensgrote cliffhanger. Moeten ze maar terugkomen op 9 januari, dan wordt het vervolg verteld. En het hele verhaal natuurlijk op 19 december... Zie het programma van Winters Binnen.

Kerstgedicht
Mary, een trouwe vertelster bij het Hart op de Tong had deze keer een dik boek met gedichten van Willem Wilmink bij zich. Zij las het volgende voor:

Wees niet zo bang voor Kerst. Het zijn twee dagen,
Dat is niet meer dan achtenveertig uur.
En uren, het ene vlug, het ander trager,
Uren vervliegen op den duur.
Raak niet verloren in herinneringen,
Wees toch een beetje wijzer deze keer.
Zing maar van ‘Stille Nacht’ als je kunt zingen,
Want stil zal het zijn, die nachten. Zeer.
Zing in jezelf: ‘De witte vlokken zweven
‘terwijl de regen langs de pannen ruist.
Het kind is niet in Betlehem gebleven:
Het is naar Golgotha verhuisd.
Gedenk de dieren op de schalen en de borden,
Die zitten meer dan jij in de puree.
Eten is beter dan gegeten worden,
Ook in de glans van Lucas 2.
Zeg ‘nee’ als mensen je te eten vragen,
Want in een andermans gelukkige gezin
Daar is de kerstboom enkel te verdragen
met een uitslaande brand erin.

Wees niet zo bang voor Kerst. Het zijn twee dagen.


Dat vindt mevrouw SchrijfTaal een fijn gedicht.

donderdag 9 december 2010

Van oude banken en nieuwe in de Grote Beer

Als het op dit weblog even stil blijft, is dat meestal het gevolg van grote drukte in de Grote Beerstraat. Tussen het werven voor en het geven van schrijfgroepen door wordt er geschreven aan nieuwsberichten voor ilovenoord, aan een verhaal om te vertellen bij Winters Binnen, even een rondje gemaakt langs de groepen om een naschools project 'Durf jij?' te introduceren voor Stichting Wijsneus, overlegd, geoefend met verhalen vertellen, geëvalueerd.... Bent u er nog? Ik ook hoor!

Om het huisje wat gezelliger in te richten ben ik tussendoor naar IKEA geweest en heb daar onder ander een nieuwe bank gekocht. Die kon dezelfde avond nog bezorgd worden. Er was nog een probleempje: de lelijke oude bank stond er nog. De Kringloop kwam een paar dagen later kijken, of het nog wat was. Nee, daar kon echt niemand meer blij mee gemaakt worden. Dat werd Grof Vuil bellen. Na een tijdje in de wacht bij Het Stadsdeel kreeg ik te horen dat er al een paar jaar geen grof vuil meer opgehaald wordt bij de huizen in Noord. De samenwerking tussen Kringloop en Grof Vuil was hier maar van korte duur. Wat nu?

Ten eerste heb ik maar één paar bescheiden spierballen, en geen auto, noch een rijbewijs. Grof vuil wordt hier nog een keer per maand opgehaald. Die dag was net geweest, en zelf wegbrengen was ook geen optie. ik zag mijzelf nog een maand lang met de oude bank en de grote doos met de nieuwe Ektorp in de kleine woonkamer zitten. Het inklapbare tafeltje en de stapelbare stoelen had ik inmiddels al in elkaar gezet.

Ik deed een zwakke poging om de beige bank door de achterdeur in de tuin te schuiven. Dat lukte natuurlijk niet. De bank paste niet of nauwelijks door de deuropening. Ik rukte wat aan een armleuning, die wel los bleek te zitten, maar niet los genoeg. Ik ging op mijn rug op de bank liggen en zette met mijn voeten af tegen de leuning: 'Eraf zul je, kreng!' Maar nee. Toen ontdekte ik aan de onderkant een paar bouten, waarmee de armleuningen bevestigd waren. Ze waren godzijdank niet vastgeroest, dus kwamen met gemak los. Toen kon ik de bank verder demonteren en in de achtertuin parkeren, tot de Grof Vuil ophaaldag in januari. Dan moet ik wel even een extra stel spierballen lenen om de onderdelen naar de ophaalplek te sjouwen. Buurman?


Het in elkaar zetten van de nieuwe bank was trouwens een fluitje van een cent. Ook al stond er aan het begin van  het montageschema een doorgestreept mannetje met een moersleutel, en twee blije mannetjes, waarvan de ene een moersleutel in zijn hand had, en de andere een potlood achter zijn oor. 'Doe dit klusje vooral niet in je eentje', betekende dit plaatje. Deze eigenwijze dame heeft die zes bouten er zelf aangedraaid, de poten eraan geschroefd en de bank rechtop gezet. Bekleding erom, klaar! De poezen en ik hebben er al heerlijke dutjes op gedaan.

dinsdag 30 november 2010

Over winnaars en Winters Binnen


Net als vorig jaar in november, heb ik deze maand 50.000 woorden getypt als grondstof voor mijn roman. Bij elkaar al 100.000 woorden dus. Ik kan bijna niet wachten met plakken, schrappen, schuiven en verder schrijven om de roman daadwerkelijk te laten groeien. Ik houd mijn lezers op de hoogte. 

Inmiddels doe ik erg mijn best om de schrijfgroep tussen Sint en Kerst te kunnen starten, nog een paar aanmeldingen..... En ik werk aan een vertelverhaal voor Winters Binnen, de verhalenroute door Tuindorp Oostzaan, die onder andere mijn huisje aandoet.


Levensverhaal
Ook heb ik mijn lieve vader beloofd om zijn handgeschreven levensverhaal voor hem uit te werken. Toen hij me zijn volgeschreven bloknootvellen gaf, zei hij - niet voor de eerste keer: 'Misschien is het niks hoor, kijk maar of het wat is, misschien kan het zo in de prullenbak.' 'Pa', antwoordde ik, 'het is jouw verhaal, dus dat is sowieso iets. Ik vind het ontzettend stoer van je om het op te schrijven!' 

Nu heb ik de eerste 27 handgeschreven pagina's gelezen. In het verhaal staan familie-anekdotes. Het zijn 'sterke' verhalen, die steeds opnieuw verteld worden, omdat ze op de lachspieren werken. Maar ik las ook details die nieuw voor me zijn, over een hardwerkende man die met zijn baas onderhandelde over een paar guldens meer in zijn loonzakje. Ik ben zo trots op die man. Op zijn 74e, met niet meer dan Lagere School en één jaar ambachtsschool in de jaren vijftig, zit hij nu aan de eettafel het verhaal van zijn leven op te schrijven.  

'En? Is het wat?' vroeg mijn vader. Ik vertelde dat ik geraakt was en nog een keer hoe stoer ik het van hem vond, om dit met zijn ene jaar ambachtsschool op te schrijven. 'Nou, op mijn leeftijd is een schouderklopje ook nog steeds welkom,' zei pa. Heerlijk, zo'n schouderklopje dat aankomt. Ik hoop dat hij nog meer blaadjes vol gaat schrijven en ik zal hem helpen om er een boekje van te maken. Misschien moet ik er ook zo'n plaatje met 'Winner!' op plakken.

dinsdag 16 november 2010

Schrijven in het Zonnehuis: die donkere dagen verdrijven

Aanbod: vijf middagen schrijven tussen Sint en Kerst

De tweede cursus 'Schrijven als Levenskunst' is afgerond. Lees hier een bijdrage van een deelneemster aan de tweede cursus.  In het voorjaar zal ik weer een cursus geven bij het Humanistisch Verbond, onder een nieuw thema, maar graag wil ik eerder een schrijfgroep voor volwassenen geven, liefst hier in Tuindorp Oostzaan. Ik kreeg ook verzoeken om verder te gaan, vandaar dit aanbod.

Zonnehuis
Bij voldoende belangstelling kan ik vijf lessen geven tussen Sinterklaas en Kerst op een heel aantrekkelijke lokatie: Het Zonneplein in Tuindorp Oostzaan. De lunchroom van het Zonnehuis is daarvoor beschikbaar op de volgende middagen:
Dinsdag 7 en woensdag 8 december, dinsdag 14 en vrijdag 17 december en dinsdag 21 december.
Tijd: van 14.00 tot 16.00 uur. Kosten: € 55,- per persoon, exclusief 19 % btw. Bij een minimum van zes deelnemers kan de groep van start gaan. In de lunchroom kun je koffie, thee en heerlijke taart kopen.


Plezier
Mijn lessen bestaan uit leuke oefeningen om het schrijven te stimuleren en vooral ook het plezier erin. De groep deelnemers dient als klankbord om uit te proberen of wat je hebt geschreven 'werkt'. Er wordt regelmatig gelachen bij het voorlezen van de teksten, maar ook ontroering doet zich voor. We geven elkaar op een prettige manier feedback om de schrijfvaardigheid verder te ontwikkelen. Het beste recept blijft nog steeds dit: filmpje.

Thema's
Met de oefeningen sluit ik zoveel mogelijk aan bij de wensen van de deelnemers. Er kan geoefend worden met verhalen, poëzie en dialogen schrijven. In deze periode zullen thema's als licht en donker, feestdagen en familie aan de orde komen. Maar neem vooral ook jezelf en je eigen onderwerpen mee!

Boekje
Van de geschreven teksten wordt een boekje gemaakt, wat nog max. 3 euro extra kost. Meld je aan bij SchrijfTaal en ervaar hoe blij je wordt van schrijven.

donderdag 11 november 2010

Bye bye, natuurklasje!


Voor de eerste keer was het zulk beestenweer dat het natuurklasje binnen bleef. Dan maar beesten op het bord tekenen... Deze beesten konden niet meer mee in het boekje, dat inmiddels gedrukt en uitgedeeld is. Het was de laatste les van dit blok. Dag kinderen, nog veel natuur- en schrijfplezier. Misschien kom ik jullie nog eens tegen. In januari geef ik weer een blok natuur- en milieu-educatie in de Molenwijk. 


dinsdag 9 november 2010

Schrijven tot de vonken er vanaf vliegen


Jean Dubuffet (1904 -1985): La-tafel

Een fijn schilderij. Het grote vlak heeft de textuur van verbandgaas, gips en een enkele pleister. Onderaan een minuscuul donker vlekje, een paar stompjes van poten. De schilder heeft vette witte verf op een donkerbruine ondergrond gekwast en daarin gekrast met zijn paletmes en de achterkant van zijn penseel. Zo zijn die donkere lijnen ontstaan.

Aan mijn schrijftafel gezeten staar ik uit het raam. Een rode weerschijn valt over het tafelblad. Is er brand, vuurwerk? Toch niet weer die klootzak, die...?

Een venijnrood hoofd splijt open en spreekt: 'Wat nou, schrijftafel? Denk jij echt dat je voor alles de oplossing hebt?'
Schrijftafel: 'Ik sta in ieder geval stevig op mijn poten en mijn laatje kan ècht open!'
Vulkaan: 'Waarom zou ik in godsnaam in jouw laatje willen kijken? Wat zou ik er vinden, een paar verkreukelde foto's en afgekloven pennen? Dat moet dan de diepte van jouw ziel voorstellen? Pathetisch! Ga je blad poetsen, het zit vol vlekken!'
'Je maakt me bang, jij berg vol venijn. Bang dat je mijn blad schroeit, de papieren erop als as laat vervliegen.'
'Daar sta je nou met je vurenhouten pootjes. Eén lik van mijn tong en je bent er geweest!'
'Ik heb geen verweer. Papier is geduldig, maar brandbaar. Laat me alsjeblieft met rust, ik smeek het je!'
'Mijn honger naar hout is niet te stillen. Als ik jou niet opvreet, dan ben ik er geweest.'
'Dus nu zeg je dat je míj nodig hebt om te overleven?'
'Ha! Voor jou tien andere tafels. Ikea staat er vol mee.'
'Je spreekt jezelf tegen met je dubbele slangentongen. Heb je mij nou nodig of niet?'

De vulkaan laat een dreigend gegrom horen, maar spreekt niet.
Schrijftafel: 'Ik vrees dat ik niet zonder jou kan. Dat het papier saai en grijs blijft zonder jouw weerschijn. Maar kom niet te dichtbij, alsjeblieft.'
De vulkaan vonkt, knettert en sist: 'Tsssssssss!'

Pierre Alechinsky: Cobras vulcanologiques, 1970

woensdag 3 november 2010

Hoe de dingen bij elkaar kunnen komen...

Een deelneemster van 'Schrijven als Levenskunst' vertelde afgelopen zondagmiddag een verhaal bij 'Het Hart op de Tong'. Zie ook: als alles klopt. Dinsdagavond verraste ze de schrijfgroep met een verhaal over die middag. Ik heb haar toestemming om het hier te publiceren:

Het Zonneplein

Bijna was ik te laat gekomen. Ik woon namelijk heel dichtbij, maar mijn zoon van dertig belde ’s morgens op en vroeg of ik zijn haar wilde knippen. Dat doe ik al zijn hele leven, op een of twee keer na. Toen hij in de puberteit zat wilde hij wel eens een echte kapper uitproberen. Hij kwam echter niet zo vrolijk thuis als ik verwacht had. En na de tweede keer zei hij:  ”Jij knipt beter, mam.” Dan groei je natuurlijk als moeder en probeer je de haarmode zoveel mogelijk bij te houden. Zelfs toen hij een keer een grote blauwe kuif aan de voorkant wilde. Het verven was zo gedaan. Ik was alleen vergeten zijn voorhoofd in te smeren met een crème zodat hij een week lang met een petje op naar school ging. En boos natuurlijk. Maar nu hij de kapper zelf moet betalen wil hij vaak even langs komen voor een kopje koffie, praatje en een knipbeurt.

Toen ik dus net op tijd op het Zonneplein aankwam viel het me op hoe relaxed en dorps de buurt er eigenlijk uitziet. Lieve kleine huisjes, allemaal gebouwd in de stijl van de Amsterdamse school in de dertiger jaren van de vorige eeuw. Het statige Zonnehuis in het midden van het plein heeft drie ingangen. Ik nam in eerste instantie de verkeerde ingang. Rechts van de hoofdingang bevindt zich, zo ontdekte ik, een leuke lunchroom; dus op naar de linkse ingang waar momenteel theatercentrum Het Zonneplein gevestigd is.

Het geroezemoes en de warmte komen mij vrijwel tegelijk tegemoet. Voornamelijk iets oudere mannen en vrouwen bevolken de ruimte en al gauw zie ik Wilma, die geanimeerd staat te praten met enkele vrouwen. ‘Leuk dat je er bent’ zegt ze, en stelt me onmiddellijk aan Peter Faber voor. Hij beweegt zich ontspannen tussen de mensen en probeert (in mijn ogen) niet de ster uit te hangen. Dat siert hem.
Het blijkt dat hij het gezellige theatertje voor 5 jaar gehuurd heeft. Later vertelt hij dat iedereen minstens 5 jaar nodig heeft om iets goed te kunnen, zoals: jongleren, muziek maken, maar ook schrijven. Dus ik heb nog vier jaar en tien en halve maand te gaan!
‘Ga je je verhaal voorlezen?’ vraagt Wilma. Ik antwoord dat ik het nog niet weet en dat ik eerst de kat uit de boom wil kijken.


De ruimte is niet te groot en niet te klein en de mooie rode gordijnen die voor het podium hangen worden prachtig belicht door enkele bovenhangende spotjes wat de gemoedelijke sfeer erg ten goede komt. Een mooie gitariste van een jaar of 25 pingelt dromerige muziek de ruimte in.
Als iedereen koffie of thee gekregen heeft hoor ik Peter (bespeur ik daar toch iets van spanning in zijn stem?) tegen Wilma zeggen: ’zullen we dan maar beginnen?’
Hij loopt naar voren en begint geanimeerd te vertellen over zijn jeugd en hoe hij er toe is gekomen om te gaan acteren. De kop is er af. Wilma loopt naar voren en draagt een van haar prachtige gedichten voor. Dan is het de beurt aan ons. Zo’n kleine 20 man zitten op hun stoeltjes geduldig te wachten. Ik krijg het idee dat iedereen zich hier snel op zijn gemak voelt, want een Indonesische meneer staat direct op en begint rustig voor de microfoon te vertellen. Uit zijn hoofd dus. Over zijn vader met wie hij vroeger niet zo veel op had maar voor wie hij nu, nu hij ouder was geworden en zijn vader niet meer leeft, uiteindelijk veel respect had gekregen. Na een applausje gaat deze meneer zitten en komt Wilma weer naar voren met de vraag wie er nu iets wil vertellen. Het blijft langere tijd stil.

Ik denk bij mezelf: ‘dat kan toch niet’? ‘Niemand die wil?’ En tegelijkertijd voel ik een plaatsvervangende verantwoordelijkheid, voornamelijk ten opzichte van Wilma. De vaart moet er wel in blijven!
Ondanks dat ik het dus niet zo vroeg in de middag van plan was, steek ik mijn vinger op.
Het blijkt dat tegelijkertijd met mijn vinger ook iemand anders zijn hand had opgestoken.
Deze meneer mag eerst, maar dan ben ik echt aan de beurt. Na eerst wat geharrewar met de microfoon lees ik mijn verhaaltje, over mijn moeder die begint te dementeren, voor. Applaus; zo, dat zit er op. En na mij volgen er nog velen. De een vertelt uit het hoofd; de ander van een papiertje maar ieder heeft zijn eigen, vaak emotionele verhaal. Het valt mij op hoe gemakkelijk en vanzelfsprekend alles gaat. Mensen die later zeiden dat ze toch wel zenuwachtig waren staan voor het toneel alsof het hun dagelijkse werk is. In gedachten maak ik ze complimenten.

De middag is omgevlogen en het zaaltje druppelt langzaam leeg. ‘Dit is mijn kans, denk ik en loop op Peter Faber af. Toch even een praatje maken met deze ster. Ik vertel dat ik zijn theatershow KEEFMAN enkele jaren geleden heb gezien in het nieuwe de La Mar theater. Hij begint te vertelen dat hij het hier ook speelt, maar nu veel beter, veel losser. Ik vond het toen juist al zo knap dat hij zo makkelijk kon improviseren op het toneel en vraag of hij zich misschien die avond nog kan herinneren. Even kijkt hij mij vreemd aan. Alsof hij zich elke avond op het toneel zou kunnen herinneren. Maar dan vertel ik hem dat er die avond iets bijzonders was gebeurd. Terwijl de voorstelling al een uur aan de gang was begint een vrouw op de eerste rij te schreeuwen. Peter probeert er een grapje van te maken maar dan blijkt het ernst…. Naast haar op de eerste rij zit een man in elkaar gezakt, bewegingsloos op zijn stoel . Paniek! De lichten gaan aan en 112 wordt gebeld. Peter moet de tijd volpraten maar heeft er zichtbaar moeite mee. Wat moet hij doen? Je hoort hem denken: stoppen of doorgaan?
Nadat de man afgevoerd is via een brancard besluit hij samen met het publiek de voorstelling te hervatten: ‘Ja, zulke dingen kunnen gebeuren’, zegt hij nog.
Vanavond hoorde ik van hem dat de man was blijven leven. En dat gaf me na zoveel jaar toch een gevoel van opluchting.

Janny Praamsma

dinsdag 2 november 2010

Schrijfgekte

Net als vorig jaar in november, heb ik me opgegeven voor National Novel Writing Month, NaNoWriMo. Over de hele wereld zitten duizenden mensen deze maand als gekken te typen om in 30 dagen 50.000 woorden (50K) te bereiken. Of dat echt goede romans oplevert, blijft natuurlijk de vraag. En 'National' is ook niet meer aan de orde, aangezien de hele wereld inmiddels meedoet.

Schrijfspieren
1667 woorden per dag schrijven is geen sinecure. Vorig jaar heb ik de 50K gehaald door af en toe onsamenhangende rotzooi te tikken en door bestaand materiaal te plakken in het lopende verhaal. Alles voor de kwantiteit, waar het bij de WriMo's vooral om lijkt te gaan. Dat is niet erg bevredigend. Aan de andere kant heb ik mezelf toen de discipline bijgebracht om dagelijks te schrijven. Een goed recept om de schrijfspieren te trainen. De pepmailtjes van de organisatoren zijn stimulerend. Ook helpt de gedachte dat er zoveel gekken tegelijk zitten te schrijven. Het heeft in ieder geval een berg ruw materiaal opgeleverd. Van de zomer heb ik daar nog wat aan gesleuteld. In deze novembermaand werp ik me op de kwaliteit: herschrijven en het verhaal meer body geven. Die roman zal er komen!

Verder
Af en toe kruipt deze kluizenares uit haar schrijfholletje om les te geven. Vanavond alweer de laatste bijeenkomst van de cursus 'Schrijven als Levenskunst' bij het Humanistisch Verbond. Een vervolg zal in het voorjaar komen, met een ander thema. Donderdag is het natuurklasje weer aan de beurt. Zondag Crisiskunst in de Noorderparkkamer. Meer lessen met kinderen zijn in voorbereiding.

zondag 31 oktober 2010

Als alles klopt


Er zijn momenten, periodes dat alles klopt en op zijn plek valt. 'Hoe begin je aan een verhaal, hoe bouw je het op?' daarover ging het vorige bericht. Een dag later volgde ik een workshop over beeldtaal op de NDSM-werf en verdiepte me daar in de overeenkomsten en verschillen tussen verhalen en films. In de pauze dwaalde ik over de NDSM-werf en schoot wat plaatjes. Er valt daar zoveel te zien, ook als je naar buiten kijkt door een vuil raampje. Kijk en lees ook hier, op ilovenoord.

Groeiend aantal bezoekers

Vanmiddag was het weer tijd voor Het Hart op de Tong in het Zonnehuis. Verhalen, gedichten en muziek kwamen bij elkaar. Grappig, ontroerend, aangrijpend zelfs. Een samenkomen van mensen, uit Tuindorp Oostzaan, maar ook uit andere delen van Noord, Amsterdam en de rest van Noord Holland. Mensen die het praatje van Henny Buiter op Radio Noord Holland hadden gehoord, buurtreporters van Noord Verandert! en deelnemers van Schrijven als Levenskunst... Het aantal bezoekers en vertellers groeit. Ik gloei als ik zie hoe sommigen gretig naar de microfoon stappen om hun verhaal te vertellen, maar nog meer als ik zie hoe anderen een drempeltje overwinnen en dan iets persoonlijks vertellen. Vandaag heeft Lennert Ras voor Noord Verandert! gefilmd. Hij heeft prachtig materiaal verzameld. Wat een heerlijkheid om het schrijven, vertellen, filmen en mensen bij elkaar te brengen.

Lovely begeleidt; Henny vertelt

Sam en Peter demonstreren hoe je rustig wordt,
met een pauwenveer

vrijdag 29 oktober 2010

Tipje van de theorieberg

Het schrijven van korte verhalen (fictie)

De cursus 'Schrijven als levenskunst' bij het Humanistisch Verbond is vooral bedoeld om deelnemers het plezier van het schrijven bij te brengen door middel van prikkelende oefeningen. Mijn recept is: 'Schrijven, dagelijks!' Hoe meer je schrijft, hoe makkelijker het gaat. De groep geeft elkaar op een prettige manier feedback, waardoor je je eigen 'stem' en kwaliteiten ontdekt en versterkt.

Toch komt regelmatig de vraag naar wat meer theorie en tips. Hoe begin je aan een verhaal, hoe bouw je het op? Bij deze wat globale informatie.

Hoe begin je?

  1. Er zijn schrijvers die van tevoren al het verhaal in hun hoofd hebben. Zij maken een synopsis of samenvatting en werken aan de hand daarvan het verhaal uit.
  2. Bij de meeste schrijvers (iedereen heeft natuurlijk zijn eigen werkwijze) schrijft het verhaal 'zichzelf' gaandeweg. Zij beginnen met een idee, of een situatie en van het een komt het ander. Zij weten zelf dus van tevoren niet hoe het verhaal afloopt.
  3. Een combinatie (zo werk ik): je hebt een idee voor het verhaal, begint te schrijven en loopt op een gegeven moment vast. De verhaallijnen raken in de knoop, je vraagt je af of alle personages noodzakelijk zijn om het verhaal te vertellen etc. Maak dan een raamwerk van wat je hebt, en hoe je verder wilt. Hoeveel hoofdstukken, welke personages, wat gebeurt er op welk moment. Dit helpt bij het verder uitwerken van je verhaal.

Hoe bouw je het verhaal op?

  1. Allereerst moet je de situatie neerzetten. Waar bevinden we ons in het verhaal, wie zijn de belangrijkste personen, wat drijft hen (waarom doen ze wat ze doen?), wat is er aan de hand? Je kunt dit beschrijvend doen, maar ook door 'met de deur in huis' te vallen. De lezer komt meteen in een scène met dialoog terecht. De uitdaging is om met weinig informatie de lezer het verhaal in te trekken, waardoor die nieuwsgierig wordt hoe het verder gaat.
  2. Als je de situatie en personages met hun drijfveren hebt neergezet, kun je verder uitwerken, waar het wringt of botst. In de meeste verhalen gebeurt 'iets ergs'. De drijfveren van de verschillende karakters botsen. Laat dit zien aan de hand van situaties, scènes, met dialogen. De ontwikkeling van het conflict is het geraamte van je verhaal. Je kunt vooruitwijzen naar de afloop, maar ook de spanning opbouwen door het verhaal verschillende wendingen te geven.
  3. Na de ontwikkeling volgt de ontknoping. Op de een of andere manier komt er een oplossing van het conflict. Dit hoeft natuurlijk geen 'happy end' te zijn. Eén van de personages kan als 'winnaar' uit de strijd komen, of er zijn alleen 'verliezers'. Een 'open einde' laat de meeste ruimte voor de verbeelding van de lezer. Vaak is er ook een verrassende wending of een oplossing die uit de lucht komt vallen. Dit wordt 'Deus ex machina' genoemd. Het gevaar is, dat die oplossing dan overkomt alsof die er aan de haren bijgesleept is.

Dit zou meer houvast moeten geven bij het schrijven van je verhalen. Voor mezelf is dit ook een aansporing om meer gestructureerd verder te gaan met schrijven. Succes iedereen!

vrijdag 22 oktober 2010

Bladerdag (natuurklasje)

Met jonge kinderen van de natuur genieten, hen er iets over leren, én hen er over laten schrijven, daar zit wel iets van een uitdaging in. Voor die uitdaging sta ik iedere donderdagmiddag met mijn naschoolse natuurklasje. Buiten ravotten, wroeten en ontdekken vinden ze heerlijk, die stuiters uit groep 3 en 4. Ze luisteren graag naar de gedichtjes die ik voorlees en naar de dingen die ik over plantjes en beestjes vertel. Ze bestuderen de meegenomen plantjes en beestjes met een vergrootglas; tekenen en knutselen doen ze graag en nou vooruit, omdat de juf het zo graag wil schrijven ze er nog wat bij ook.

Vantazie
Juf begrijpt dat wel, want ze beginnen nog maar net te schrijven en daaraan wordt in de gewone lessen al veel aandacht besteed. Dus naschools willen ze iets leuks. Maar schrijven kan juist heel leuk zijn! Ik zeg erbij dat ik een rare juf ben, want ik vind het niet erg als ze foutjes maken. Het gaat juist om het plezier erin, en het gebruik van de 'vantazie' zoals een meisje uit groep drie het schrijft. Hoe stimuleer ik dat?


Gisteren deed ik het met herfstblaadjes. Ik las een herfstgedicht voor kinderen en gaf ze een papier met allemaal verschillende bladvormen. Buiten moesten ze zoveel mogelijk verschillenden bladeren zoeken: verschillend van vorm, van kleur en met verschillende bladranden. Ze vonden van alles, van eiken- tot paardenbloem- tot duizendblad. De bladeren werden op tafel uitgespreid en met de vergrootglazen bestudeerd. Er zaten ook handvormige bladeren tussen, en juf vertelde nog iets over nerven.

Achterstevoren
Sommige kinderen gingen de bladeren op het papier inkleuren, andere tekenden op een los vel of in hun schrift. 'Schrijf de kleuren op, en de vormen, en wat voor randjes de blaadjes hebben', zei juf. Er kwam wel iets uit. Die tekstjes zullen in een boekje gezet worden, met tekeningen en foto's erbij. Een jongetje van zes schreef een gedicht met drie keer het woordje 'pik' erin. Juf: 'Wat jammer dat je het achterstevoren schrijft.' Hij tekende er een prachtige kip bij.

donderdag 14 oktober 2010

Kroosscheppen met latexverfrollerbeugelbidonhouderpantykousnetjes


Jaja, juf heeft wat over voor haar natuurklasje. Op woensdagavond in de schuur op zoek naar bruikbare spullen om schepnetjes van te maken. De pantykousjes had ze al bedacht, maar nu nog stokken en  ringen of beugels om de netkousen aan vast te maken. Ah! Er is in het verleden flink geverfd en gerold, dus er staan nog lange stokken, stelen om de verfrollers aan vast te maken. Misschien kunnen die beugels (zonder de rollers) ook wel... Maar nu iets ronds, dik ijzerdraad of zo. Hmmm, wat ligt hier? Exje heeft zijn racefiets wel opgehaald, maar nog wat accessoires laten liggen. Een houdertje voor een bidon, twee houdertjes zelfs! Juf schrobt wat latexverf weg en frummelt met stukjes ijzerdraad twee perfecte schepnetjes met superlange stokken.

Donderdag: het natuurklasje bestaat nog steeds uit vier kinderen. Juf legt uit dat er samengewerkt moet worden. Vier kinderen: twee dragen de schepnetten, twee de bakjes met water. Samen kroos en beestjes uit de sloot scheppen en in de bakjes doen. En streng verboden in de sloot te vallen! Het samenwerken lukt goed, dat is een haalbaar leerdoel. Kroos scheppen ook en misschien wel beestjes. Terug in de klas de vergrootglazen erbij en eindelijk de microscoop. Oeps, geen afdekglaasjes. Het valt niet mee om met het spiegeltje licht te vangen. Geen succes, die microscoop. Maar wel veel kroos, op tafel, op de vloer.Geen beestjes. De kinderen tekenen het en schrijven: 'ik haat kroos'. Okee dan. Volgende week een nieuw onderwerp. Zeker geen kroos.


woensdag 13 oktober 2010

Aan de weg timmeren met de billen bloot

Als je schrijft en publiceert en daarbij ook nog schrijfdocent bent - zoals ik - moet je commentaar op je werk incasseren. Het blijft spannend om reacties op je werk te ontvangen, of die nou 'kritiek' genoemd worden, of 'feedback' of 'tips', of ze rechtstreeks gepresenteerd worden, met de botte bijl of met een strik erom. Als je wilt je groeien in je werk door van anderen te leren, moet je ermee om kunnen gaan. Persoonlijk vind ik het weleens lastig. Met name die botte bijl blijft pijnlijk. En zo'n strik is lief bedoeld, maar leidt ook af van de werkelijke boodschap.

Kritiek ontvangen
Het incasseringsvermogen varieert met de luim van de interne criticus. Dat is de stem in je hoofd die zegt dat je weer eens waardeloze bagger hebt geproduceerd, of juist een geniale tekst. Reacties van anderen liggen daar altijd ergens tussenin. Ze zijn dus teleurstellend, of juist een opsteker. Een evenwichtig mens blijft na een teleurstelling niet lang in de put zitten en gaat na een opsteker niet naast zijn schoenen lopen. Ben ik een evenwichtig mens? Ook dat varieert. Ben ik een eiland? Nee. Wil ik beter leren schrijven en lesgeven door fouten te maken en kritiek te incasseren? Ja! Dus: opkrabbelen en doorkrabbelen!



Kritiek geven
Aan het ontvangen van kritiek kan je dus een hele kluif hebben. Daarom is het belangrijk om die zorgvuldig te geven. In hulpverlenersland - waar ik dertien jaar heb doorgebracht - is het woord kritiek zelf al lang uit den boze. Daar spreekt men liever van positieve of negatieve feedback. Er zijn ook regels voor het geven van feedback. Kort gezegd komt het erop neer dat het altijd beter werkt om gewenst gedrag te belonen (positieve feedback) dan om ongewenst gedrag te bestraffen (negatieve feedback). Positieve feedback is veel makkelijker op een zorgvuldige manier te geven. Wie houdt er nou niet van een compliment? Daar groei je letterlijk en figuurlijk van en je wilt dat succes wel vaker bereiken. Zorgvuldige negatieve feedback is een stuk ingewikkelder. Voor je het weet is iemand erg boos of verdrietig en kan dan even helemaal niets produceren, gewenst of ongewenst.

Tijdens de schrijflessen ben ik er als docent vooral op gericht om de eigenheid van de schrijvers te stimuleren en hun kwaliteiten te prijzen. Soms zegt mijn innerlijke criticus dan, dat ik 'kritiekloos' ben, of 'soft'. Maar het is de enige manier waarop ik met mensen (kinderen en volwassenen) kan werken. Omdat het bij me past, maar ook omdat ik ervan overtuigd ben dat het de enige effectieve manier van leren is. Wie veel schrijft, en aanmoediging krijgt voor de kwaliteit en de eigen toon, leert steeds beter en eigener schrijven. Schrijven is een werkwoord, dus ook hier verwijs ik naar bovenstaand recept.

woensdag 6 oktober 2010

Elke dag wel iets te schrijven of te filmen

'Winkeltje' op de buurtmarkt

Dat u niet denkt dat ik niets meer meemaak, of niet meer schrijf: het bloggen schiet er wel eens bij in tussen het stempelen en vreemde kastanjebeesten maken met kinderen uit groep 3 (SEP-kunst), een verslag schrijven van de buurtmarkt met hondenmodeshow voor ilovenoord, Schrijven als Levenskunst bij het Humanistisch Verbond, nadenken over een nieuwe Klassieker voor Meander, een verslag schrijven voor de werkgroep theaterstraat Zonneplein, monteren voor Noord Verandert, de vertoningsavond bijwonen in Museum de Noord, een kastanjeles voorbereiden voor het natuurklasje in de Molenwijk... Daarbij komen nog: het opvoeden van kleine boefjes met snorharen die het begrip 'kattenbak' iets te ruim opvatten, een lichte Twitterverslaving en een afgebroken trapper van mijn fiets. Zo krijg je ook een blogbericht vol. En een week.

Vertoningsavond Noord Verandert! Museum de Noord

woensdag 29 september 2010

Men neme (2):

Men neme (2)...

... een kilometerslange zin. Men leze en herleze, men vrage zich af, en schrijve:

De zin
Wat stelden ze voor en wat voor symbolische boodschap verkondigden die drie leeuwenparen, drie transversale kruisen boven elkaar vormend, klimmend en als bogen gespannen, steunend op hun achterpoten, hun voorpoten op de rug van hun wederhelft, de wilde manen in slangachtige krullen, de muil opengesperd in dreigend gebrul, met de kern van de pilaar verbonden door een wirwar, of een nest van ranken?
Uit: De Naam van de Roos, Umberto Eco, pagina 51, derde zin

Het gedicht: Medusa

Ze heeft hen verslagen
ging in het midden staan
rees op als een zuil
uit de razende zee

Ze wilden haar opvreten
zes leeuwen vielen
van alle kanten aan
haar blik was dodelijk

Het enige wat zij hoefde
te doen was hun haren grijpen
en hun blik vangen
ze dwong hen tot kijken

Terstond stolden wilde ogen
manen werden versteende slangen
geklauwde voorpoten bogen
van een leeuwengewelf

Daar staat zij, een warboel
van staarten en struikgewas
aan haar voeten, gevangen
in de triomf van haar overwinning

Wilma van den Akker
29 september 2010


Hoofd van de Medusa, Istanbul. Het is onbekend waarom zij op haar kop staat


donderdag 23 september 2010

Natuurklasje

Ze hebben niet zoveel zin in schrijven. Misschien lijkt dat nog teveel op de gewone les. Dus ik lees grappige gedichten voor en laat hen namen verzinnen voor beestjes. Ze gaan wel heel graag naar buiten, dus we struinen door de groene Molenwijk en zoeken spinnen, pissebedden, kastanjes, noten en bloemetjes. Ook doen we rondslingerende blikjes en pakjes in een vuilniszakje. Ik luister goed naar wat ze allemaal zeggen en wat ze interessant vinden. Een meisje en een jongen uit groep drie en een jongen uit groep vier. Waar blijven de andere kinderen trouwens? Het klasje mag best groter. Eén van de jongens zei: 'Die paddestoelen lijken op schelpen!' 



De verzamelde stukjes natuur gingen mee naar binnen. De jonge onderzoekers bekeken ze door vergrootglazen en maakten mooie tekeningen, van pissebedden, spinnenwebben en de vliegjes die er in waren gevangen. De vliegjes kregen namen. De belangstelling voor de natuur is er al, en het begin van het spelen met taal. We gaan er een mooi boekje van maken.